Van Democratie naar Kleptocratie: Het Koskotas-sjabloon.

Aan het einde van de jaren 80, te midden van politieke onrust, barstte er een financieel schandaal van enorme omvang uit in het hart van Athene. Onder leiding van de Panhelleense Socialistische Beweging (PASOK) en haar charismatische leider, Andreas Papandreou, was dit een tijdperk waarin populistische ambitie vaak de scheidslijnen tussen staatsbestuur en partijbelangen vervaagde. De Koskotas-affaire was geen anomalie; het was het logische eindpunt van het systeem. Dit schandaal begrijpen betekent niet alleen een historische gebeurtenis herbeleven, maar ook een autopsie uitvoeren op een fundamentele case study in de architectuur van systematische corruptie die Griekenland decennialang zou teisteren.




